Column van Ciska
1 december 2025
Oefening baart kunst. Dat weten we allemaal. Maar hoe zit het met dingen die nog niet gebeurd zijn? Ook die kun je oefenen. In november nam ik twee keer deel aan de landelijke oefening ‘Virulent’, bedoeld om samen te oefenen wat we doen als er een nieuwe pandemie uitbreekt. Zodat we goed voorbereid zijn en niet worden overvallen als we te maken krijgen met een grote uitbraak van een infectieziekte. De minister van VWS startte de oefening.
Sinds corona hebben we geleerd hoe we beter samen kunnen werken op regionaal en landelijk niveau. Dat is nodig om bijvoorbeeld sneller op- en af te kunnen schalen bij het testen van mensen op infectieziekten. Ook zijn we bezig onze systemen aan te passen om makkelijker informatie over te dragen en is er goed nagedacht over de aansturing tijdens een crisis.
Uitbraak van infectieziekte oefenen
Allemaal goed en wel, maar je weet niet hoe het werkt, tot het zo ver is. Daarom deed ik als Directeur Publieke Gezondheid graag mee aan de oefening. Voor het eerst sinds corona werd er op zo’n grote schaal, met zoveel partijen een serieuze uitbraak van een infectieziekte geoefend. Het is goed om dan te kijken met hoeveel mensen je zo’n crisis aanpakt, en hoe nieuwe afspraken in de praktijk uitpakken.
We zijn op de goede weg
En hoe staan we er nu voor? Het eerlijke antwoord op die vraag is dat we op goede weg zijn. Het feit dat we deze oefening doen, geeft dat alleen al aan. Erg optimistisch ben ik over het feit dat verschillende partijen in de zorg elkaar steeds beter kunnen vinden en weten wat hen te doen staat. We hebben echt geoefend met onze rollen en verantwoordelijkheden.
Samen staan we sterker
Als GGD kunnen we het namelijk niet alleen. We moeten samen met andere organisaties optrekken en elkaar versterken. Daar worden we steeds beter in. Ik blijf het zeggen: je kunt als land niet pandemisch paraat zijn zonder een sterke publieke gezondheid én infectieziektebestrijding.