Wat kunt u zelf doen

... om besmetting te voorkomen

Besmetting van jezelf of van anderen is nooit helemaal te voorkomen. Mensen zijn al besmettelijk als ze zich ziek beginnen te voelen. Door de onderstaande maatregelen verkleint u de kans dat u besmet raakt of dat u griep of verkoudheid overdraagt. Leer de maatregelen ook aan kinderen.

Maatregelen

  • Was regelmatig uw handen met water en zeep en raak zo min mogelijk uw mond, neus of ogen aan. Handenwassen is belangrijk voor het eten èn na het hoesten, niezen of snuiten. Droog de handen met een stuk keukenrol of een schoon papieren handdoekje.
     
  • Hoest of nies bij voorkeur in de elleboogplooi. Lukt dit niet, houd dan uw hand of zakdoek voor uw mond als u niest of hoest. Hoest of nies nooit in de richting van een ander.  
     
  • Gebruik bij voorkeur papieren zakdoeken of tissues bij hoesten, niezen of snuiten en gebruik ze éénmalig.   
     
  • Maak voorwerpen zoals deurklinken regelmatig schoon. Denk ook aan speelgoed dat in contact komt met kinderen die griep hebben of verkouden zijn. Gebruik allesreiniger en handwarm water. Daarna afspoelen met schoon water en laten drogen aan de lucht. Was regelmatig het beddengoed en eventueel stoffen speelgoed op 60 °C.
     
  • Ventileer woon- en slaapruimten. Laat de ventilatieroosters altijd iets open of zet het raam op een kier (met anti-inbraakstang of slot).
     
  • Gezonde voeding, voldoende beweging (bij voorkeur in de buitenlucht) en regelmatige ontspanning helpen u uw weerstand op peil te houden.